Het Coping Kompas | Telefoon en WhatsApp: 06-29237950 | Mail: mail@hetcopingkompas.nl | KvK: 76230554

Jouw reis naar innerlijke rust

MIJN (HERSTEL) VERHAAL

Wanneer het precies is begonnen weet ik eigenlijk niet. Ik herinner me wel de het eerste ‘schok moment’; dat was toen mijn lieve omaatje, die de oorlog nog had meegemaakt tegen me zei; “kendj wat hub se toch lekker dieke bein”, oftewel, “kind wat heb je toch lekker dikke benen”. Ik zal rond 10-11 jaar zijn geweest. Begin puberteit. Ik was toch al zo’n vroegbloeier. Als eerste beginnende borstjes, net wat groter dan de rest van de meiden, en op het schoolplein het mikpunt van een aantal vervelende jochies. Niet dat ik me daar van op m’n kop liet zitten, ik gaf wel behoorlijk tegengas, maar intern wilde ik dit écht allemaal niet. Ik wilde niet opvallen, ik wilde ‘gewoon’ zijn. Misschien dat dat wel kwam omdat ik me in ons gezin ook nooit helemaal ‘gewoon’ heb gevoeld. Mijn ouders zijn twee lieve mensen met het hart op de goede plek. Mijn moeder omschrijven mijn zus en ik nu als ‘lichtelijk autistisch’, mijn vader, hij leeft niet meer, was een gevoelige en, door zijn jeugd, getergde en emotionele man. Mijn moeder heb ik nooit zien huilen, echt nooit, mijn vader daarentegen des te vaker. Alles voelde ik aan. Er waren periodes dat het in huis ronduit depressief was. Dan verstopte ik me op mijn kamer of in ‘mijn’ boom, die in de speelweide tegenover ons huis stond. Als ik helemaal bovenin zat, er waren een aantal takken die een mooi bankje vormde, dan had ik uitzicht op onze achtertuin en de keuken. Dan wist ik precies wie er thuiskwam of wegging. Úren heb ik daar in mijn eentje alles onder mij zitten observeren. In de zomer, als de boom vol in het blad stond, zag niemand mij zitten. Ik ben de oudste. Mijn zus is meer het recht-door-zee type. Lief totdat haar grens is bereikt. Dan kun je je maar beter wapenen of maken dat je weg komt! Een karaktereigenschap waar ik vaak jaloers op ben geweest. Nu kan ik zien en zeggen dat ik nooit helemaal mezelf ben durven zijn als kind. Ik paste me aan, aan de situatie en als ik iets wilde waarvan ik op voorhand al wist dat dat afgekeurd zou worden dan vroeg ik het niet, deed het niet en later vaak stiekem. Liegen werd, soort van, mijn tweede natuur zodat ik én geen trammelant kreeg met mijn ouders én toch kon doen wat ik eigenlijk wilde. In de puberteit werd het steeds moeilijker om mijn ware aard te verbergen en durfde ik (soms) in opstand te komen. Maar door de emotionele reactie van mijn vader en de koele, afwijzende reactie van mijn moeder kreeg ik vaak een mega schuldgevoel. Uiteraard wil niemand dat voelen. Ik kan me trouwens ook niet herinneren dat er aandacht werd besteed aan het omgaan met emoties. ‘Niet huilen’ of ‘niet boos zijn’ waren de standaard reacties van mijn moeder. Toen ik zelf moeder en later oma werd, hoorde ik het pas heel duidelijk terug. Want zo reageert mijn moeder nog steeds op deze emoties, nu ten opzichte van mijn dochter en kleinzoon. Buiten mijn iets flinkere benen was ik absoluut niet te dik. Gewoon normaal. En tijdens mijn mavo en havo periode was ik er niet dermate veel mee bezig. Ja, zoals elk meisje, je wilt er leuk uitzien, aandacht van de jongens krijgen. Dat soort zaken. Niks geks. Op mijn 18de ontmoette ik mijn eerste man, hij is ook de vader van mijn dochter. Hij droeg me op handen, was super lief voor me, luisterde met oprechte aandacht en droogde mijn tranen liefdevol. De manier waarop hij omgang had met zijn moeder opende mijn ogen. En door hem en zijn moeder (zij is nog steeds één van mijn beste vriendinnen) werd ik wél gezien en mocht ik vrij mezelf zijn. Toen was het hek van de dam. Ik wilde weg thuis. Ik voelde de kracht en de moed om die stap te zetten. Stiekem zocht ik woonruimte en regelde ik werk. Ik zat in mijn examenjaar van de havo. En toen alles in kannen en kruiken was heb ik het mijn ouders verteld, gesteund door mijn vriend. Nou, het huis was te klein, letterlijk bijna. Toch zette ik door, ondanks het weer mega grote schuldgevoel over wat ik hen allemaal aandeed en dat ik mijn leven nu weggooide. Mijn moeder heeft, met een ijskoude houding, haar overtollige huisraad in dozen gedaan en mijn vader heeft me weggebracht. Hij had een bestelbusje van het werk. Maar ik mocht niet voorin naast hem zitten, nee ik werd achter in de bus tussen de spullen gezet. Het gevoel wat ik heb gehad tijdens die rit voel ik nog. Eenzaam, afgewezen, niet goed genoeg, verdrietig. Eigenlijk bevestigde het alleen maar wat ik al die jaren had gevoeld, ik zou nooit aan hun verwachtingen kunnen voldoen. Mijn vader zette mij en de spullen op de stoep voor mijn appartement, zei niks en reed weg. Ik zie het blauwe busje nog zo wegrijden. Daarna wist ik absoluut niet meer wat ik aan moest met die situatie waardoor ik niks deed. Ik voelde me doodongelukkig. De tijd in het appartement heeft maar 3 maanden geduurd. Het lukte me niet om daar te zijn. Mijn vriend was er zo vaak hij kon. Hoe ik het examen heb gehaald is me nu nog steeds een raadsel. Waarschijnlijk op pure wilskracht. Na 3 maanden is mijn schoonmoeder mij komen halen. En daar, bij haar thuis, kon ik adem komen. Kon ik huilen. Hoefde ik ff niks. Mijn baantje heb ik ook niet volgehouden. Het lukte me niet om het onder de knie te krijgen. Er was een telefoon met heel veel knoppen om door te verbinden en ik moest wat orders in de computer zetten. Geen rocket sience, maar de emoties zaten zo hoog dat niks meer lukte. Achteraf lijkt dit nog het meest op een burn-out. En in die periode besloot ik dat ik moeder wilde worden. En mijn vriend en mijn schoonmoeder steunde mij hierin. Nu vraag ik me af waarom ik dat idee mezelf in de kop heb gehaald?! 3 maanden later was ik zwanger. En daar is het echt mis gegaan met eten. Eten? Vreten! Ik at alles wat los en vast zat. Vanaf de 4de maand, want de eerste 3 maanden heb ik kotsend boven de pot gehangen en kon ik mijn eigen urine, die gespaard moest worden voor moeders voor moeders, niet eens zelf in de daarvoor bestemde flessen doen. ’s Nachts ging ik naar bed met 2 dubbelde sneetjes brood met pasta of hagelslag en een groot glas ranja. De baby groeide voorspoedig, en ik ook! De bevalling moest opgewekt worden en ging daardoor rap. De pijn van de weeën storm kon ik goed verdragen. Maar het beeld in de spiegel erna niet! 25 extra kilootjes had ik me erbij gevreten. Niks paste meer. Ik was doodongelukkig. Huilend zat ik voor de kleerkast en weigerde om mee uit te gaan. Mijn schoonmoeder, haar man en mijn vriend hielpen mij met alles en waren super liefdevol. Mijn kleine meisje was een wolk van een baby en sliep na een weekje al door. (Tot 9 maanden en vanaf die tijd besloot ze dat slapen geen top meer prioriteit had). Mijn lieve schoonmoeder zag mijn struggelingen en nam me mee naar de huisarts. Deze stelde vast dat ik wel erg depressief was en schreef me dieetpillen voor. Waanzinnig! Fantastisch! Ik viel in hele korte tijd 15 kilo af! Nu zijn deze pillen verboden hier. Er zat echt wel iets speed-achtigs in want ik had geen honger en energie voor 10. Wat de huisarts had nagelaten was aandacht hebben voor de emoties. Want overall had ik nog nooit geleerd hoe ik daar mee om moest gaan, waar ze vandaan kwamen, laat staan om ze te verwerken. Maar mij boeide dat toen ook niet. Ik was moeder, mijn (inmiddels) man wilde beroepsmilitair worden en ik was, met een baby in mijn armen, naar mijn ouders gegaan om vrede te sluiten. De baby werd met open armen ontvangen en er is nergens meer over gesproken. Het nare gevoel is nog heel veel jaren bij me gebleven telkens als ik mijn ouders bezocht. Het was mijn man inmiddels gelukt om beroepsmilitair te worden. Een droom van hem die uitkwam. Ik woonde nog steeds in bij mijn schoonmoeder en haar man. En toen hij thuiskwam met de aankondiging dat hij gelegerd zou gaan worden in Seedorf, in de buurt van Hamburg, vond ik dat fantastisch! Een nieuw avontuur! Want in mij zit wel de karaktereigenschap dat ik avontuurlijk ben, graag grenzen verleg en altijd op zoek ben naar nieuwe mogelijkheden. Heb ik nu nog steeds. Dus wij, hop, naar Seedorf. Defensie regelde alles, huisvesting, mogelijkheden tot deelname van verschillende activiteiten voor de vrouwen op de kazerne, voor als de mannen op oefening waren en om connecties op te doen. Mooi toch? Ik zag het helemaal zitten! Helaas zakte ik, voor de 4de keer, voor mijn rijexamen vlak voor vertrek en bleek het niet mogelijk om dat voort te zetten in Duitsland in verband met de taal en andere regels. Het was herfst toen we vertrokken en ons appartement was 7 km verwijderd van de kazerne. Het appartement was onderdeel van een rij grijze gebouwen en was niet voorzien van een vloer. Geld hadden we niet echt dus
VERDER VERDER